1 feb. 2008

Het was nationale gedichtendaggedicht

De rode draad
loopt langs het gebouw
waar de mensen wandelen.
Ze kijken verbaasd
en vragen zich af
was jij het, of ben ik het nou?

Zulke dagen, gedragen door de wind,
lijken vaak te zijn vergeten,
zodra het weer lente wordt.
En jij zei nog tegen mij,
reken maar niet op wij
als de ik, geheel verstoord,
de stoeptegels bestudeert,
de muren opvliegt,
de zaken regelt,
de wensten telt
en de mensen vertelt:
de koek is op.

Op die dagen ben ik blij
als de regen spoelt,
de frisse moed weer komt
en geluk ook in het kleine
zit.

Na die dagen ben ik weer jij
die tegen zichzelf zegt
in wezen is het leven goed
.

Geen opmerkingen: